Beste broer en zus,

Dit jaar staan we stil bij onze visie, ons doel voor dit jaar: wij willen oefenen om elkaar in liefde te dienen. Dit zullen we doen aan de hand van 1 Tessalonicenzen 4:1-12 waarin God ons opdraagt elkaar lief te hebben. Echte liefde is een groot ideaal. Daarom willen we uitleggen wat we bedoelen en hoe we er tegenaan kijken. Dat sluiten we af met een aantal vragen. We willen je vragen om dit voor het huisbezoek door te nemen.

Waarom we elkaar in liefde willen dienen

Onze liefde ontstaat in en door Christus. Wij ervaren dat hij in eindeloze liefde kwam om ons te bevrijden. Dankzij Hem mogen we verloste kinderen van God zijn. Hij heeft ons aangesteld als zijn ambassadeur en medewerkers op aarde. Het is een heerlijke taak. We ervaren het als een enorm voorrecht om actief mee te mogen werken in Gods koninkrijk.
Jezus geeft het bevel dat we elkaar moet liefhebben. Wat dat inhoudt leert Hij ons door het voor te doen. Belangrijk om op te merken is dat liefhebben niet allereerst een gevoel is, maar een daad waarin je jezelf geeft voor en aan de ander.

Omdat wij gehoorzaam willen zijn aan Christus' bevel vormen wij een kerkgemeenschap. Hier dienen we elkaar in liefde, steunen we elkaar en (ver)dragen we elkaar. Op deze manier zijn wij een licht op een berg. Het kan zwaar zijn om dit vol te houden, maar tegelijk doen we het met liefde. We weten dat wij via deze weg het geluk zullen proeven waar Jezus van spreekt in de zaligsprekingen. Vol moed oefenen wij daarom om elkaar lief te hebben en in liefde te dienen.

We horen graag uw mening hierover. Ervaar jij het ook zo? Oefen je met ons mee? Om hier concreet op in te gaan hebben we vier open vragen voor u die we willen bespreken.

Vragen

  • De Bijbel zegt: ‘alleen wie in Gods liefde leeft, kan liefhebben. Daarom is de allerbelangrijkste vraag: ken je Gods liefde en hoe ervaar je die?
  • Vertel eens iets over de liefde voor God in jouw leven.
  • Herken je de volgende uitspraak in jouw leven: ‘de zonde van een broeder of zuster is een uitdagende gelegenheid om te oefenen in liefhebben’?
  • De kerkenraad merkt dat het kerkbezoek afneemt. Hoe moeten we hiermee omgaan?